ECLI:NL:HR:2019:1130
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verhoogt vergoeding immateriële schade wegens overschrijding redelijke termijn en rentevergoeding griffierecht
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden over de vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn en de vergoeding van griffierecht.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte het verzoek om wettelijke rente over het griffierecht had afgewezen en dat de vergoeding van immateriële schade verhoogd moest worden tot €3.500. Tevens werd bepaald dat wettelijke rente over de immateriële schade en het griffierecht vanaf vier weken na de uitspraak van de rechtbank, het hof of de Hoge Raad gaat lopen indien niet tijdig betaald.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof voor zover het de vergoeding van immateriële schade en de rentevergoeding betreft en deed de zaak af. Daarnaast werd de Staat veroordeeld in de proceskosten van het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad verhoogt de immateriële schadevergoeding tot €3.500 en bepaalt rentevergoeding over griffierecht en schadevergoeding vanaf vier weken na uitspraak.