ECLI:NL:HR:2018:1090

Hoge Raad

Datum uitspraak
6 juli 2018
Publicatiedatum
4 juli 2018
Zaaknummer
17/03586
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake proceskostenveroordeling

Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland werd behandeld. Het geschil betrof een verzoek om veroordeling in de proceskosten.

De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet vereist omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Ten aanzien van het verzoek tot proceskostenveroordeling oordeelde de Hoge Raad dat er geen gronden aanwezig waren om een dergelijke veroordeling uit te spreken.

Daarom verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie ongegrond en bevestigde daarmee de uitspraak van het gerechtshof.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenveroordeling wordt afgewezen.

Uitspraak

6 juli 2018
nr. 17/03586
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Arnhem-Leeuwardenvan 20 juni 2017, nr. 16/00175, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland (nr. UTR 15/3496) betreffende het door belanghebbende gedane verzoek om een veroordeling in de proceskosten.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 6 juli 2018.