ECLI:NL:HR:2017:872

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 mei 2017
Publicatiedatum
12 mei 2017
Zaaknummer
16/05049
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 7:291 lid 2 BWArt. 7:304 BW
Verwijzingen
6 uitgaand · 5 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake huurprijsvaststelling bedrijfsruimte en goedkeuring afwijkend beding

In deze zaak stond een vordering tot nadere huurprijsvaststelling van een bedrijfsruimte centraal, waarbij tevens een verzoek tot goedkeuring van een afwijkend beding op grond van artikel 7:291 lid 2 BW Pro in samenhang met artikel 7:304 BW Pro werd behandeld. De procedure is een vervolg op een eerdere beschikking van de Hoge Raad van 3 april 2015 (ECLI:NL:HR:2015:823).

Verzoeker stelde beroep in cassatie in tegen een beschikking van het gerechtshof Den Haag van 12 juli 2016, waarin het hof het geschil over de huurprijs en het afwijkend beding had behandeld. Centre Hotel B.V., de wederpartij, heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen, waarop de advocaat van verzoeker reageerde.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling opriepen. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen en daarmee de beschikking van het hof bekrachtigd.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking van het hof.

Uitspraak

12 mei 2017
Eerste Kamer
16/05049
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. M.E.M.G. Peletier,
t e g e n
AMSTERDAM INN B.V., voorheen Centre Hotel B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en Centre Hotel.

1.Het geding

Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 13/04931, ECLI:NL:HR:2015:823, NJ 2015/412 van de Hoge Raad van 3 april 2015;
b. de beschikking in de zaak 200.185.959/01 van het gerechtshof Den Haag van 12 juli 2016.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het tweede geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Centre Hotel heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 24 maart 2017 op die conclusie gereageerd.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, G. de Groot, C.E. du Perron en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
12 mei 2017.