Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Slotsom
4.Beslissing
21 november 2017.
Hoge Raad
De verdachte werd veroordeeld voor het bezit van twee koolstoffilters en een henneptent in een growshop, bestemd voor het plegen van strafbare feiten volgens artikel 11, derde en vijfde lid van de Opiumwet. De feiten speelden zich af op 19 maart 2015 in een winkelpand te Den Haag.
De verdediging voerde aan dat de goederen beschadigd waren en niet meer bestemd voor beroepsmatige hennepteelt, en dat de verdachte inspanningen had verricht om de growshop te beëindigen. De Hoge Raad oordeelde dat de bewezenverklaring niet zonder meer uit de bewijsmiddelen kon worden afgeleid en dat de motivering van het hof onvoldoende was.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het Hof Den Haag voor een nieuwe beoordeling van het hoger beroep, waarbij de omstandigheden en de intentie van de verdachte nader moeten worden onderzocht.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en wijst zaak terug voor hernieuwde beoordeling wegens onvoldoende motivering.