ECLI:NL:HR:2015:3617

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 december 2015
Publicatiedatum
17 december 2015
Zaaknummer
14/05096
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 236 lid 1 Rv
Verwijzingen
5 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt beperking beroep op redelijkheid en billijkheid in arbeidsrechtelijke zaak TomTom

In deze zaak staat het beroep van TomTom International B.V. en TomTom N.V. tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam centraal, waarin een arbeidsrechtelijk geschil met [verweerder] werd beslecht. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen en het arrest van het hof en behandelt het cassatieberoep tegen dat arrest.

TomTom c.s. stelt in cassatie dat het hof ten onrechte de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid heeft toegepast, met name in het licht van het gezag van gewijsde en artikel 236 lid 1 Rv Pro. De Hoge Raad oordeelt echter dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en dat geen nadere motivering nodig is omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde zijn.

De Hoge Raad verwerpt het beroep van TomTom c.s. en bevestigt daarmee het arrest van het gerechtshof Amsterdam. Tevens veroordeelt de Hoge Raad TomTom c.s. in de kosten van het cassatiegeding. Dit arrest bouwt voort op eerdere jurisprudentie over de redelijkheid en billijkheid in arbeidsrechtelijke geschillen en bevestigt de grenzen aan het beroep daarop.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van TomTom c.s. en bekrachtigt het arrest van het gerechtshof Amsterdam.

Uitspraak

18 december 2015
Eerste Kamer
14/05096
LZ/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. TOMTOM INTERNATIONAL B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. TOMTOM N.V.,
gevestigd te Amsterdam,
EISERESSEN tot cassatie,
advocaat: mr. S.F. Sagel,
t e g e n
[verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. M.A.J.G. Janssen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als TomTom c.s. en [verweerder].

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 1177449 CV EXPL 10-28763 van de kantonrechter te Amsterdam van 5 oktober 2012 en 26 oktober 2012;
b. het arrest in de zaak 200.117.502/01 van het gerechtshof Amsterdam van 1 juli 2014.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben TomTom c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor TomTom c.s. mede door mr. L.J. Burgman.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt TomTom c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 1.991,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
18 december 2015.