Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
18 februari 2014.
Hoge Raad
De verdachte stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 30 oktober 2012. Het cassatieberoep werd ingediend door de raadsman van de verdachte. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Dit oordeel behoeft geen nadere motivering, omdat het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en het arrest van het gerechtshof bekrachtigd. Het arrest werd gewezen door de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan, W.F. Groos en V. van den Brink op 18 februari 2014.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.