Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2013:CA2925

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 juni 2013
Publicatiedatum
22 juni 2013
Zaaknummer
10/05145
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om partneralimentatie na verbroken samenwoning afgewezen in cassatie

De zaak betreft een verzoek om partneralimentatie na het beëindigen van een samenwoning tussen de vrouw en de man. De rechtbank 's-Gravenhage had eerder beschikkingen gegeven in deze zaak, gevolgd door een beschikking van het gerechtshof te 's-Gravenhage die de vrouw betwistte door middel van een cassatieberoep bij de Hoge Raad.

De vrouw, wonende te een woonplaats, stelde het cassatieberoep in, terwijl de man niet is verschenen in cassatie en geen verweerschrift heeft ingediend. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep, waarop de advocaat van de vrouw reageerde.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het beroep werd derhalve verworpen.

De beschikking werd gegeven door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken op 14 juni 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de vrouw wordt verworpen, de beschikking van het gerechtshof blijft van kracht.

Uitspraak

14 juni 2013
Eerste Kamer
10/05145
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. B.D.W. Martens,
t e g e n
[De man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikkingen in de zaak 317152/318605 FA RK 08-6268/FA RK 08-6852 van de rechtbank 's-Gravenhage van 31 maart 2009 en 1 december 2009;
b. de beschikking in de zaak 200.037.408/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 1 september 2010.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping.
De advocaat van de vrouw heeft bij brief van 3 april 2013 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, A.H.T. Heisterkamp, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 14 juni 2013.