Uitspraak
gevestigd te [vestigingsplaats],
gevestigd te [vestigingsplaats],
1.Het geding
2.Het tweede geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
12 juli 2013.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van eiseres verworpen. Het geschil betrof de uitleg en bewijsopdracht omtrent de partijbedoeling met betrekking tot de duur van een opstalrecht. De zaak bouwt voort op eerdere arresten, waaronder het arrest van 22 oktober 2010 (ECLI:NL:HR:2010:BM8933) en arresten van het gerechtshof Amsterdam uit 2011 en 2012.
De Hoge Raad verwijst naar de eerdere arresten en bevestigt dat de bewijsopdracht ten aanzien van de partijbedoeling correct is toegepast. De klachten van eiseres in cassatie leiden niet tot cassatie omdat zij geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
De Hoge Raad veroordeelt eiseres tevens in de kosten van het cassatiegeding. De uitspraak is gedaan door de vice-president en vier raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een van hen op 12 juli 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en de bewijsopdracht omtrent de partijbedoeling bevestigd.