ECLI:NL:HR:2013:BZ0194
Hoge Raad
- Cassatie
- C. Schaap
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Th. Groeneveld
- G. de Groot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing in zaak over naheffingsaanslagen loonheffingen 2006
Belanghebbende, een onderneming, kreeg voor het jaar 2006 naheffingsaanslagen opgelegd voor loonbelasting, premies volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen en bijdragen Zorgverzekeringswet. Deze aanslagen betroffen een bedrag van in totaal €203.693. Belanghebbende had deze loonheffingen wel ingehouden op het loon van haar chauffeurs, maar niet afgedragen aan de Belastingdienst.
De Rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslagen ongegrond, en het Hof bevestigde deze uitspraak. In cassatie betoogde belanghebbende dat Nederland niet bevoegd was om belasting te heffen over het loon van chauffeurs die internationaal werkzaam zijn. Het Hof oordeelde dat de inhoudingsplichtige verplicht is de ingehouden loonheffingen af te dragen, ook als deze ten onrechte of te hoog zijn ingehouden.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht had geoordeeld dat de inhoudingsplichtige verplicht is de ingehouden loonheffingen af te dragen, maar vernietigde het arrest voor zover het betrekking had op het werkgeversdeel van de premies werknemersverzekeringen, dat niet op het loon mag worden ingehouden en ook niet op de werknemers mag worden verhaald. De zaak werd verwezen naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch voor nader onderzoek naar de verschuldigdheid van dat deel van de premies.
De Hoge Raad veroordeelde de Staat tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten in cassatie. De zaak wordt voortgezet voor verdere behandeling en beslissing met inachtneming van dit arrest.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is gegrond verklaard, het arrest van het Hof vernietigd en de zaak verwezen voor nader onderzoek naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch.