ECLI:NL:HR:2013:BY1252
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- D.G. van Vliet
- E.N. Punt
- C.H.W.M. Sterk
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling omzetbelasting voor werkzaamheden tatoeëerder in ziekenhuis onder verantwoordelijkheid chirurg
Belanghebbende, een tatoeëerder, verrichtte in opdracht van plastisch chirurgen in ziekenhuizen medische tatoeagebehandelingen aan patiënten, zoals het aanbrengen van tepel(hof) tatoeages bij mammareconstructies. Hoewel hij niet geregistreerd is als zorgverlener en geen medische opleiding heeft gevolgd, heeft hij door ervaring en studie de benodigde deskundigheid verworven.
Voor het eerste kwartaal van 2009 heeft belanghebbende omzetbelasting betaald over deze werkzaamheden, maar maakte bezwaar omdat deze volgens hem vrijgesteld moesten zijn als gezondheidskundige verzorging. De Inspecteur wees het bezwaar af, de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het hof vernietigde deze uitspraken en kende teruggaaf toe.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof dat de werkzaamheden van belanghebbende, verricht onder verantwoordelijkheid van plastisch chirurgen, als medische prestaties kunnen worden aangemerkt en vrijgesteld zijn van omzetbelasting op grond van artikel 11, lid 1, letters c en f, van de Wet OB en artikel 132 van Pro de BTW-richtlijn 2006. De vrijstelling geldt ook als de diensten niet rechtstreeks aan de patiënt, maar aan de chirurg worden geleverd.
De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep van de Staatssecretaris ongegrond en veroordeelt hem in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep van de Staatssecretaris ongegrond en bevestigt de vrijstelling van omzetbelasting voor de werkzaamheden van de tatoeëerder.