ECLI:NL:HR:2012:BW0246
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- F.B. Bakels
- M.A. Loth
- G. Snijders
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Uitleg overgang personeel bij concessiewisseling en beleidsvrijheid werkgever
In deze zaak stond de uitleg van artikel 37 lid 4 van Pro de Wet personenvervoer 2000 centraal, die regelt hoe personeel overgaat bij de overgang van een concessie. Veolia verloor de concessie Veluwe aan Syntus, waarbij een deel van het personeel overging. Er ontstond discussie over de indeling van personeel in directe, herleidbare indirecte en niet herleidbare indirecte werknemers en de toepassing van ontslagregels bij de overgang.
De eisers voerden aan dat zij ten onrechte als niet herleidbare indirecte werknemers waren aangemerkt en dat de selectiecriteria onjuist waren toegepast. De voorzieningenrechter had hun vorderingen toegewezen, maar het hof vernietigde deze uitspraken en wees de vorderingen af. De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat de selectie van niet herleidbare indirecte werknemers plaatsvindt op basis van omzetverlies en dat er beleidsvrijheid bestaat bij het aanwijzen van unieke, niet uitwisselbare functies.
Het arrest verduidelijkt dat enige betrokkenheid bij de concessie voldoende is om als indirecte werknemer te kwalificeren en dat het vierde lid van artikel 37 Wpv Pro alleen ziet op de selectie binnen de groep niet herleidbare indirecte werknemers. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde de eisers in de kosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.