ECLI:NL:HR:2011:BQ4182
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring wegens te late betaling griffierecht in cassatieprocedure
Eiser stelde cassatie in tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag, maar betaalde het vereiste griffierecht niet binnen de wettelijk gestelde termijn van vier weken na de eerste zitting. Hierdoor werd hij op grond van artikel 409a lid 2 Rv niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep.
De zaak werd op 18 maart 2011 voor het eerst behandeld, waarna eiser het griffierecht pas na de uiterste betaaldatum voldaan had. De Hoge Raad oordeelde dat de omstandigheden aangevoerd door de advocaat van eiser geen reden gaven om de niet-ontvankelijkheid buiten toepassing te laten.
Daarom werd het beroep van eiser niet-ontvankelijk verklaard en werd hij veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van Megapro op nihil werden begroot. De uitspraak werd gedaan op 4 november 2011 door de Hoge Raad.
Uitkomst: Eiser werd niet-ontvankelijk verklaard wegens te late betaling van het griffierecht en veroordeeld in de kosten.