ECLI:NL:HR:2011:BP6138
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- C.H.W.M. Sterk
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verschoningsrecht arts bij uitlevering medisch dossier in strafrechtelijk onderzoek dood door schuld
In deze zaak staat de uitlevering van het medisch en zorgdossier van een overleden verpleeghuisbewoner centraal, waarbij de arts-assistent klaagster zich beroept op haar verschoningsrecht. De officier van justitie vordert inzage in het dossier in het kader van een strafrechtelijk onderzoek naar dood door schuld. De rechtbank oordeelt dat er zeer uitzonderlijke omstandigheden zijn die het belang van waarheidsvinding laten prevaleren boven het verschoningsrecht, en beveelt uitlevering.
Klaagster stelt dat zij niet verplicht is tot uitlevering op grond van haar verschoningsrecht en dat er geen zeer uitzonderlijke omstandigheden zijn. De Hoge Raad bevestigt dat het verschoningsrecht niet absoluut is en dat in ernstige strafzaken, zoals dood door schuld, het belang van een volledig onderzoek kan prevaleren.
De Hoge Raad benadrukt dat personen met een bevoegdheid tot verschoning weliswaar een bevel tot uitlevering kunnen krijgen, maar niet verplicht zijn daaraan te voldoen als dit strijdig is met hun geheimhoudingsplicht. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat in dit geval het belang van het strafrechtelijk onderzoek zwaarder weegt. Het beroep van klaagster wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt dat het medisch dossier rechtmatig is uitgeleverd ondanks het verschoningsrecht.