Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2010:BO2918

Hoge Raad

Datum uitspraak
5 november 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/02405
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 288 lid 2 onder d FaillissementswetArt. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek wettelijke schuldsaneringsregeling wegens ontbreken bijzondere omstandigheden

Verzoekster heeft bij de rechtbank Groningen en het gerechtshof te Leeuwarden een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling natuurlijke personen (WSNP). De rechtbank en het hof hebben dit verzoek afgewezen op grond van artikel 288 lid 2 onder Pro d van de Faillissementswet, omdat niet was voldaan aan de vereiste bijzondere omstandigheden.

Verzoekster stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof, stellende dat er bijzondere omstandigheden aanwezig waren die toepassing van de WSNP rechtvaardigden. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en dat er geen noodzaak is tot nadere motivering, aangezien de klachten niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom wordt het cassatieberoep verworpen en blijft de afwijzing van het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling in stand.

Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt definitief afgewezen.

Uitspraak

5 november 2010
Eerste Kamer
10/02405
DV/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoekster],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
Verzoekster tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [verzoekster].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 115141/FT-RK 09.930 van de rechtbank Groningen van 18 februari 2010,
b. het arrest in de zaak 200.058.211 van het gerechtshof te Leeuwarden van 3 juni 2010.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 5 november 2010.