ECLI:NL:HR:2010:BL6446
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- J.A.C.A. Overgaauw
- P.M.F. van Loon
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over landbouwvrijstelling en aanvullende betaling bij verkoop landbouwgrond
Belanghebbende verkocht een perceel landbouwgrond aan een projectontwikkelaar met een koopprijs die deels in termijnen werd betaald. Na overleg met de belastingdienst bleek dat een rentebestanddeel in de termijnen werd verondersteld, wat fiscale gevolgen had. De koper stemde in met een aanvullende betaling van ƒ 40.000 als vergoeding voor 'belastingschade'.
De Rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en verminderde de aanslag. Het Hof vernietigde deze uitspraak en oordeelde dat de aanvullende betaling niet tot de landbouwvrijstelling behoorde omdat deze niet samenhing met een waardeverandering van de grond.
De Hoge Raad oordeelt anders: de aanvullende betaling maakt deel uit van de tegenprestatie voor de grond en valt daarmee onder de landbouwvrijstelling. De aanslag wordt dienovereenkomstig verminderd. De Hoge Raad veroordeelt de Staatssecretaris in de proceskosten en gelast vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en vermindert de aanslag, waarbij de aanvullende betaling onder de landbouwvrijstelling valt.