ECLI:NL:HR:2010:BL0124
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- P.M.F. van Loon
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag vennootschapsbelasting en toepassing zestiende standaardvoorwaarde bij bedrijfsfusie binnen fiscale eenheid
Belanghebbende, opgericht in 1998, bracht een onderneming in en vormde samen met B B.V. een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Na verkoop van aandelen in B B.V. stelde de Inspecteur dat sprake was van overtreding van de zestiende standaardvoorwaarde, leidend tot een navorderingsaanslag.
De Rechtbank en het Hof verklaarden het beroep van belanghebbende ongegrond en bevestigden de navorderingsaanslag. Belanghebbende stelde in cassatie dat de toepassing van de zestiende standaardvoorwaarde in strijd was met de EG-Fusierichtlijn, omdat de inbreng van activa onder de richtlijn valt en de sanctie niet conform de voorwaarden van de richtlijn zou mogen worden toegepast.
De Hoge Raad oordeelt dat de Fusierichtlijn alleen van toepassing is op fusies tussen vennootschappen van verschillende lidstaten, wat hier niet het geval is. De nationale fiscale regels, waaronder artikel 15 van Pro de Wet op de vennootschapsbelasting, zijn hier van toepassing en laten geen uitlegging toe die het door belanghebbende beoogde resultaat ondersteunt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag blijft gehandhaafd.