ECLI:NL:HR:2007:BB7947
Hoge Raad
- Cassatie
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Kosten belastingadvies DGA gedragen door BV niet als uitdeling belast
Belanghebbende, voormalig aandeelhouder van diverse houdstermaatschappijen, voerde een procedure over de fiscale behandeling van kosten verbonden aan een fusie tussen vennootschappen. De inspecteur legde een navorderingsaanslag inkomstenbelasting op, die na bezwaar werd verminderd, maar het hof verklaarde het beroep ongegrond. In cassatie betoogde belanghebbende dat de kosten in het kader van de fusie in het bedrijfsbelang waren gemaakt en dus als ondernemingskosten van de BV moesten worden gezien.
De Hoge Raad oordeelde dat de procedure uitsluitend betrekking had op de toepassing van artikel 40 van Pro de Wet op de inkomstenbelasting 1964 en dat deze procedure alleen privébelangen van belanghebbende diende. Hierdoor waren de kosten niet toe te rekenen aan de BV als ondernemingskosten. Het hof had dit oordeel juist geformuleerd en de klachten faalden. Verder stelde de Hoge Raad dat geen gronden aanwezig waren voor een veroordeling in proceskosten.
Het arrest bevestigt dat kosten die uitsluitend verband houden met privébelangen van de aandeelhouder en niet met de vennootschap, niet als uitdeling belast kunnen worden. Het beroep werd ongegrond verklaard en het arrest werd in het openbaar uitgesproken op 16 november 2007.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard; de kosten van de belastingadviesprocedure zijn voor rekening van de aandeelhouder en niet van de BV.