ECLI:NL:HR:2007:AZ4109
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.A.M. van Schendel
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Beoordeling oplegging ISD-maatregel wegens recidive en verslavingsproblematiek
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof Leeuwarden dat hem een ISD-maatregel oplegde voor de duur van twee jaren wegens diefstal van een steekkar en een hoeveelheid lood.
Het hof had vastgesteld dat verdachte in de vijf jaren voorafgaand aan het bewezenverklaarde feit ten minste driemaal was veroordeeld tot een vrijheidsbenemende sanctie en dat deze straffen waren tenuitvoer gelegd, hetgeen verdachte zelf bevestigde. Verder was uit een rapport van de Verslavingszorg Noord Nederland gebleken dat verdachte een ernstige verslavingsgeschiedenis heeft met een hoge recidivekans en maatschappelijke overlast.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof voldoende had gemotiveerd dat aan de wettelijke voorwaarden van artikel 38m Sr was voldaan, ook al was niet expliciet in het arrest vermeld dat de eerdere straffen geheel waren tenuitvoer gelegd. Daarnaast verwierp de Hoge Raad het verweer dat het advies in het kader van artikel 38m Sr slechts geldig zou zijn indien een RISc-rapportage was overgelegd, omdat de wet dit niet vereist.
De Hoge Raad bevestigde daarmee de rechtmatigheid van de oplegging van de ISD-maatregel en wees het cassatieberoep af.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de oplegging van de ISD-maatregel voor twee jaren.