ECLI:NL:HR:2006:AY7922
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over onverschuldigde betaling door derde-beslagene in derdenbeslagprocedure
In deze zaak stond centraal of een notaris, die als derde-beslagene een bedrag onverschuldigd had betaald aan een beslaglegger, kon worden bevrijd van zijn betalingsverplichting jegens de geëxecuteerde. De notaris hield een geldsom in depot in verband met een geschil tussen derden en betaalde het bedrag op aan de beslaglegger na een onjuiste verklaring dat hij de som aan de geëxecuteerde verschuldigd was.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de betaling onverschuldigd was en dat de notaris de som terug mocht vorderen van de beslaglegger. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verduidelijkte dat de afgelegde verklaring van de derde-beslagene geen zelfstandige rechtsgrond vormt voor betaling aan de beslaglegger. Ook wanneer de verklaring onjuist is, blijft de betalingsverplichting jegens de geëxecuteerde bestaan.
De Hoge Raad verwierp het beroep van de beslaglegger tot cassatie en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk voor zover het gericht was tegen tussenarresten. De uitspraak bevestigt de bescherming van derde-beslagene tegen onjuiste betalingen en verduidelijkt de werking van de artikelen 476a, 476b en 477 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in derdenbeslagprocedures.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart FIC niet-ontvankelijk voor het beroep tegen tussenarresten en verwerpt het cassatieberoep tegen het eindarrest.