ECLI:NL:HR:2005:AS2500
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling wegens doodslag na afwijzing noodweerexces
De zaak betreft een strafzaak waarin verdachte werd veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf wegens doodslag op haar partner. De verdachte had tijdens een conflict twee steken met een mes toegebracht, nadat zij door het slachtoffer was aangevallen en mishandeld. Het hof oordeelde dat er weliswaar sprake was van een wederrechtelijke aanranding, maar dat deze door de tussenkomst van de zoon van het slachtoffer was beëindigd voordat de messteken werden toegebracht.
De verdediging voerde aan dat sprake was van noodweer en noodweerexces, stellende dat verdachte handelde uit angst en paniek tijdens een hevige aanval. Het hof verwierp dit verweer op grond van de verklaringen van getuigen en verdachte zelf, het geringe letsel bij verdachte en het feit dat verdachte de confrontatie had gezocht. Ook was niet aannemelijk dat de aanval van het slachtoffer zodanig was dat twee messteken proportioneel waren.
De Hoge Raad stelde vast dat het hof zijn oordeel op voldoende en niet onbegrijpelijke gronden had gebaseerd, met name ten aanzien van het moment waarop de aanval was beëindigd en het ontbreken van een hevige gemoedsbeweging bij verdachte. Het cassatieberoep faalde en het vonnis werd bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling tot vijf jaar gevangenisstraf wegens doodslag na afwijzing van het beroep op noodweer en noodweerexces.