ECLI:NL:HR:2005:AR7439
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- W.A.M. van Schendel
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep in cassatie tegen vaststelling advocaatssalaris
In deze zaak heeft verzoeker, een advocaat, beroep in cassatie ingesteld tegen de beschikking van de kantonrechter die zijn salaris in een ontbindingsprocedure heeft vastgesteld op €4.685,53. Verweerder heeft verzocht het beroep niet-ontvankelijk te verklaren en de beschikking te bekrachtigen. De Advocaat-Generaal heeft eveneens geadviseerd tot niet-ontvankelijkverklaring.
De Hoge Raad overweegt dat de Wet tarieven in burgerlijke zaken (Wtbz) een bijzondere rechtsgang bevat voor geschillen over het salaris van een advocaat, waarbij het procederen omtrent de hoogte van het honorarium zoveel mogelijk beperkt dient te worden. Tegen de beslissing van de kantonrechter op grond van artikel 33 Wtbz Pro staat geen beroep in cassatie open, aangezien herziening uitsluitend mogelijk is op grond van artikel 37 Wtbz Pro bij het college dat de vaststelling heeft gedaan.
Daarom verklaart de Hoge Raad het beroep van verzoeker niet-ontvankelijk en veroordeelt hem in de kosten van het cassatiegeding. De beschikking is uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 4 maart 2005.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens uitsluiting van cassatieberoep tegen salarisvaststelling.