ECLI:NL:HR:2004:AR6881
Hoge Raad
- Cassatie
- A.G. Pos
- L. Monné
- J.C. van Oven
- A.R. Leemreis
- C.J.J. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt naheffingsaanslag parkeerbelasting bij gebruik parkeerkaart van ander terrein
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor het parkeren op 9 oktober 1998 op een parkeerterrein in Maastricht, omdat hij een parkeerkaart had gekocht bij een ander terrein dan waar hij daadwerkelijk parkeerde. Na bezwaar en beroep bij het hof werd de naheffingsaanslag gehandhaafd. Belanghebbende stelde in cassatie dat het oordeel van het hof onjuist was.
De Hoge Raad oordeelde dat volgens de gemeentelijke Verordening Parkeerbelastingen en het Aanwijzingsbesluit de parkeerbelasting alleen is voldaan indien het kaartje is gekocht bij de parkeerautomaat behorende bij het betreffende terrein. Omdat belanghebbende het kaartje bij een ander terrein had gekocht, was de belasting niet voldaan. Het cassatieberoep faalde daarom.
De Hoge Raad wees ook op het belang van de aanwijzing van parkeerterreinen en de bijbehorende parkeerautomaten zoals vastgelegd in het Aanwijzingsbesluit. Er werden geen proceskosten aan belanghebbende toegekend. Het arrest werd gewezen door de vice-president en vier raadsheren en op 3 december 2004 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag parkeerbelasting bevestigd.