ECLI:NL:HR:2004:AO1740
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot uitlevering wegens oplichting in crimineel verband aan Hongarije
De zaak betreft een verzoek tot uitlevering van een persoon aan Hongarije op grond van verdenking van oplichting gepleegd in georganiseerd crimineel verband. De Rechtbank Utrecht had de uitlevering toegestaan en de verdachte stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing.
De Hoge Raad beoordeelde of de Nederlandse strafwetgeving, met name art. 140 Sr Pro, voldoende overeenkomt met de Hongaarse strafbepalingen die oplichting in een 'criminal gang' strafbaar stellen. Uit de feiten en de Hongaarse wetsteksten bleek dat het criminele samenwerkingsverband kenmerken vertoont zoals taakverdeling en hiërarchie, die ook in de Nederlandse strafwet worden beschermd.
De Hoge Raad bevestigde dat het vereiste van dubbele strafbaarheid niet vereist dat de buitenlandse delictsomschrijving exact overeenkomt met de Nederlandse, maar dat het materiële feit binnen de Nederlandse strafbepalingen moet vallen. De rechtbank had terecht art. 140 Sr Pro toegepast. Het cassatieberoep werd verworpen en de uitlevering werd bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de uitlevering aan Hongarije bevestigd.