ECLI:NL:HR:2003:AO0654
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Put-Lauwers
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep in cassatie tegen naheffingsaanslag loonbelasting
V.o.f. X te Z heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 15 november 2002, waarin een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen over de periode 1994-1997 werd bevestigd.
Het beroepschrift voldeed niet aan de vereisten van artikel 6:5, lid 1, letter d, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat de gronden van het beroep ontbraken. De Hoge Raad heeft de belanghebbende per aangetekende brief op 26 februari 2003 in de gelegenheid gesteld dit verzuim binnen zes weken te herstellen, een termijn die eindigde op 9 april 2003.
De Hoge Raad constateerde dat het herstel te laat was ingediend: het faxbericht van 10 april 2003 kwam na de termijn binnen en de brief van 11 april 2003 werd niet aannemelijk binnen de termijn verzonden. Gezien het ontbreken van een ambtshalve grond voor vernietiging van het hofarrest, verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
De Hoge Raad wees tevens proceskostenveroordeling af en sprak het arrest uit op 19 december 2003.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig aanleveren van de gronden van het beroep.