ECLI:NL:HR:2001:AA9243
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- D.H. Beukenhorst
- L. Monné
- P.J. van Amersfoort
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat werkgever administratieve sancties niet op werknemer kan verhalen
Belanghebbende, een transportonderneming met circa 100 vrachtauto's, kreeg naheffingsaanslagen opgelegd wegens administratieve sancties voor snelheidsovertredingen van haar chauffeurs. De Inspecteur stelde dat deze sancties verhaalbare persoonlijke schulden van de werknemers waren, waardoor sprake zou zijn van loon en dus loonbelasting.
Het Hof Arnhem verwierp dit standpunt en verminderde de naheffingsaanslag aanzienlijk. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat de WAHV geen eigen verhaalsrecht schept voor de kentekenhouder op de bestuurder die de overtreding beging. Verhaal is afhankelijk van de civielrechtelijke verhouding tussen werkgever en werknemer.
De Hoge Raad benadrukt dat op grond van artikel 7:661 BW Pro de werkgever in principe de schade moet dragen die door schuld van de werknemer tijdens de arbeidsovereenkomst is toegebracht, tenzij een uitzondering geldt. De Inspecteur heeft geen uitzonderingen gesteld, waardoor het beroep wordt verworpen.
De Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten. Hiermee is bevestigd dat werkgevers administratieve sancties niet zonder meer op werknemers kunnen verhalen, ook niet bij lichte verkeersovertredingen gepleegd met een door de werkgever ter beschikking gesteld voertuig.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris wordt verworpen en het arrest van het Hof Arnhem wordt bevestigd.