ECLI:NL:HR:2000:AA7203
Hoge Raad
- Cassatie
- H.L.J. Roelvink
- P. Neleman
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- W.H. Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over immuniteit van staatsschip bij schadevergoeding
De zaak betreft een vordering van een Belgische vennootschap tegen de Verenigde Staten van Amerika (VS) wegens schade aan het motortankschip "[schip I]" tijdens de bebunkering van het schip "Altair" in de haven van Antwerpen. De VS stelde zich onbevoegd omdat het schip de status had van een staatsschip dat werd gebruikt voor een militaire NAVO-oefening.
De Rechtbank Rotterdam verklaarde zich bevoegd en verwees de zaak door. Het Gerechtshof te 's-Gravenhage bekrachtigde dit oordeel, waarbij het oordeelde dat de VS zich niet op immuniteit kon beroepen omdat het zich met de aankoop en ontvangst van bunkerolie op voet van gelijkheid had begeven in privaatrechtelijk verkeer.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte niet had onderzocht of de "Altair" ten tijde van het incident een typische overheidstaak vervulde, wat bepalend is voor immuniteit van jurisdictie. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor nader onderzoek naar de status en taak van het schip. Tevens veroordeelde de Hoge Raad [verweerder] in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak voor nader onderzoek naar status van staatsschip