ECLI:NL:HR:1998:AA2310
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak hof over reiskostenforfait en verwijst zaak terug
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1993 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd op een belastbaar inkomen van f 45.322,--, welke na bezwaar door de Inspecteur en het Hof werd gehandhaafd. Belanghebbende was werkzaam bij de Belastingdienst en volgde een controleursopleiding, waarbij zij regelmatig reisde tussen haar woning, de arbeidsplaats en de opleidingslocatie.
Het Hof oordeelde dat reizen naar de opleidingsplaats als woon-werkverkeer moesten worden beschouwd en dat het reiskostenforfait voorrang heeft boven andere aftrekposten. De Hoge Raad bevestigde dat het reiskostenforfait de werkelijke kosten van woon-werkverkeer volledig vergoedt en dat het forfait voorrang heeft boven andere aftrekbeperkingen.
De Hoge Raad oordeelde echter dat het Hof ten onrechte had geoordeeld dat reiskosten met een dubbel karakter (zowel werk als studie) niet deels als studiekosten konden worden afgetrokken. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het Hof Amsterdam voor verdere behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
De Hoge Raad wees tevens het verzoek om proceskostenvergoeding af, behalve dat de Staatssecretaris het griffierecht van belanghebbende moet vergoeden. Het arrest werd uitgesproken op 7 oktober 1998.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling met betrekking tot de aftrekbaarheid van reiskosten als woon-werkverkeer en studiekosten.