ECLI:NL:HR:1997:AA3337
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Meij
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt belastingheffing winst aanmerkelijk belang bij aandelenverkoop
Belanghebbende was in 1987 aanvankelijk aangeslagen op een belastbaar inkomen van f 75.000, maar kreeg een navorderingsaanslag opgelegd met een belastbaar inkomen van f 395.371, inclusief een verhoging van 100% op de nagevorderde belasting. Het Hof had de navorderingsaanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van f 392.371, waarbij een deel van f 213.500 werd belast tegen het bijzondere tarief van 20%, en de verhoging van 100% bevestigd.
De Hoge Raad oordeelde dat de verkoop van aandelen in A B.V. door belanghebbende aan D B.V., inclusief de overname van een schuld, winst opleverde die belastbaar is als winst uit aanmerkelijk belang volgens artikel 39 en Pro 57 van de Wet op de inkomstenbelasting 1964. De Hoge Raad verwierp het middel van de Staatssecretaris dat het Hof buiten de rechtsstrijd was getreden en bevestigde dat de rechter niet gebonden is aan de kwalificaties van partijen.
De klachten van belanghebbende tegen het oordeel van het Hof faalden eveneens. De Hoge Raad zag geen aanleiding tot nadere motivering en wees de cassatieberoepen af. De Staatssecretaris werd veroordeeld in de helft van de proceskosten van belanghebbende. Het arrest werd op 26 november 1997 uitgesproken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp de cassatieberoepen en bevestigde de belastingheffing van de winst uit aanmerkelijk belang tegen het bijzondere tarief.