Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 21 juni 2016, waarbij een comparitie van partijen is gelast;
- de comparitie van partijen op 23 november 2016;
- de pleitnota van mr. Kitslaar.
6.De verdere beoordeling
vrouwberoept zich voor, kort gezegd, haar aanspraak op de helft van de erfenis op het volgende.
manvoert het volgende aan.
hofoordeelt als volgt.
manvoert het volgende aan.
vrouwvoert hiertegen het volgende aan.
hofoordeelt als volgt. De vrouw heeft (in reconventie) het bedoelde restantbedrag gevorderd. Het betrof een bedrag dat nog resteerde uit het erfdeel van de voormalige ouderlijke woning van de man. De grief van de man veronderstelt het slagen van (ten minste een onderdeel van) grief 1. Daarvan is geen sprake, zodat de grief reeds daarom faalt. Voor zover de man nog andere argumenten heeft willen ontlenen aan hetgeen hij in “het vorenstaande” heeft aangevoerd (wat praktisch zijn hele memorie van grieven omvat) heeft de man onvoldoende duidelijk gemaakt wat die argumenten dan zijn.