ECLI:NL:GHSHE:2015:3791

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
29 september 2015
Publicatiedatum
29 september 2015
Zaaknummer
HD 200.156.680_01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
3 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing naar rol voor gelegenheid tot nemen antwoordakte in hoger beroep afwikkeling vennootschap onder firma

In deze civiele zaak betreffende de afwikkeling van een vennootschap onder firma, heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch vastgesteld dat appellant ten onrechte geen gelegenheid is geboden een antwoordakte te nemen in het hoger beroep. De zaak betreft twee gevoegde procedures tussen appellant en Assurantiën B.V. en andere geïntimeerden.

Na het bestuderen van de processtukken, waaronder memorie van grieven, antwoordmemorieën en producties, concludeerde het hof dat het procesrechtelijk noodzakelijk is appellant alsnog de mogelijkheid te bieden zijn antwoordakte in te dienen. Daarom is de zaak verwezen naar de rol van 27 oktober 2015 om deze gelegenheid te verschaffen.

Het hof heeft iedere verdere beslissing aangehouden totdat het antwoord van appellant is ontvangen en zal daarna een nieuw arrest bepalen. Het arrest is gewezen door de rolraadsheer namens het hof en in het openbaar uitgesproken op 29 september 2015.

Uitkomst: De zaak is verwezen naar de rol om appellant alsnog de gelegenheid te geven een antwoordakte te nemen, waarna een nieuw arrest zal worden bepaald.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.156.680/01
arrest van 29 september 2015
in de zaak van
[appellant],
handelende onder de naam [Financiële Diensten] Financiële Diensten,
wonende te [woonplaats] ,
appellant in principaal appel, geïntimeerde in incidenteel appel,
advocaat: mr. M.A.M. Bannenberg te 's-Hertogenbosch,
tegen

1.[Assurantiën] Assurantiën B.V.,

2.
[geintimeerde 2],
3.
[geintimeerde 3],
gevestigd dan wel wonende te [vestigings- c.q. woonplaats] ,
geïntimeerden in principaal appel, appellanten in incidenteel appel,
advocaat: mr. H.T.L. Janssen te Waalre,
als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 21 april 2015 in het hoger beroep van de door de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, gewezen vonnissen van 12 februari 2014 en 2 juli 2014, in de volgende twee gevoegde zaken:
- C/01/243540/HA ZA 12-185 tussen [appellant] als gedaagde in conventie, eiser in reconventie, en [Assurantiën] BV als eiseres in conventie, verweerster in reconventie;
- C/01/245852/HA ZA 12-377 tussen [appellant] als eiser en [Assurantiën] BV, [geintimeerde 2] en [geintimeerde 3] als gedaagden.

5.Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit:
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven, tevens memorie in het incident houdende een vordering tot het treffen van een voorlopige voorziening, met producties;
- de antwoordmemorie in het incident van [geintimeerden c.s.] ;
  • de memorie van antwoord in principaal appel, tevens akte aanvulling/wijziging van eis, tevens memorie van grieven in incidenteel appel met producties;
  • de memorie van antwoord in incidenteel appel, met producties;
  • het arrest in het incident d.d. 14 april 2015;
  • de akte van [geintimeerden c.s.] houdende uitlatingen producties d.d. 12 mei 2015.
Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald.

6.Motivering

6.1.
Het hof heeft geconstateerd dat aan [appellant] ten onrechte geen gelegenheid is geboden een antwoordakte te nemen. De zaak zal daarom naar de rol worden verwezen teneinde [appellant] daartoe alsnog in de gelegenheid te stellen. Vervolgens zal wederom arrest worden bepaald.
6.2.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

7.De uitspraak

Het hof:
verwijst de zaak naar de rol van 27 oktober 2015 teneinde [appellant] in de gelegenheid te stellen een antwoordakte te nemen, waarna arrest zal worden bepaald;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, P.M. Arnoldus-Smit en R.R.M. de Moor en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 29 september 2015.
griffier rolraadsheer