Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Bierbrouwerij de Leeuw B.V.,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnr. 2906225 CV EXPL 14-3490)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
- BDL verhuurt aan Momus II B.V. (hierna: Momus II) het pand aan het [adres 1] te [plaats]. De daaraan ten grondslag liggende huurovereenkomst is ingegaan op 1 maart 1984 voor de duur van 20 jaar, dus tot en met 28 februari 2004. De huurovereenkomst is aansluitend voor de duur van tien jaar voortgezet op grond van een optiebeding dat onderdeel uitmaakt van een tussen partijen op 25 maart 1987 overeengekomen aanhangsel bij eerdergenoemde huurovereenkomst;
- Bij vonnis van 28 december 2005 van de rechtbank Maastricht, sector kanton, locatie Maastricht heeft de kantonrechter op vordering van BDL de huurprijs van het gehuurde met ingang van 19 juli 2004 nader vastgesteld op € 91.905,57 (excl. btw) per jaar en Momus II veroordeeld om met ingang van 19 juli 2004 aan BDL het verschil te betalen tussen de nader vastgestelde huurprijs en de feitelijk betaalde huurprijs, te vermeerderen met de wettelijke rente tot de dag van voldoening;
- Bij appeldagvaarding van 30 januari 2006 heeft Momus II (voor zover thans van belang) gevorderd voornoemd vonnis te vernietigen en BDL te veroordelen tot (terug)betaling aan Momus II van een bedrag van € 120.550,45 ter zake van teveel betaalde huur over de periode van 1 maart 2004 tot en met 31 januari 2006, een bedrag van € 3.886,12 aan rente en een bedrag van € 3.847,93 aan proceskosten;
- Momus II heeft haar vordering uit hoofde van teveel betaalde huur en mogelijk toekomstig teveel betaalde huur bij akte van cessie van 31 oktober 2007 gecedeerd aan Pinoccio;
- Dit hof heeft bij eindarrest van 8 april 2008 (na een tussenarrest van 1 mei 2007) het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd;
- Bij arrest van 28 mei 2010 heeft de Hoge Raad voornoemde arresten van het hof vernietigd en de zaak voor verdere afdoening verwezen naar het hof Arnhem;
- Het hof Arnhem-Leeuwarden heeft bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard eindarrest na verwijzing van 14 februari 2014 het vonnis van de kantonrechter van 28 december 2005 vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de vordering van BDL tot nadere huurprijsvaststelling alsnog afgewezen en BDL veroordeeld tot betaling aan Momus II van een bedrag van € 124.398,38 (€ 120.550,45 ter zake van huur en € 3.847,93 ter zake van proceskosten), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 januari 2006, alsmede tot betaling van proceskosten. Het hof heeft het meer of anders gevorderde afgewezen;
- BDL heeft het bedrag van € 124.398,38 voldaan.