ECLI:NL:GHSHE:2014:451
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over loonbetaling zieke grensarbeidster en deskundigenoordeel UWV
De zaak betreft een Duitse apothekersassistente die sinds 2009 bij een Nederlandse werkgever in dienst is en zich in juni 2011 ziek meldde. De werkgever stopte begin oktober 2011 met loonbetaling wegens het ontbreken van een deskundigenoordeel van het UWV, zoals vereist volgens artikel 7:629a BW.
De kantonrechter verklaarde de eisster niet-ontvankelijk omdat zij geen deskundigenoordeel overlegde. In hoger beroep stelde de eisster dat deze eis in strijd is met Europese verordeningen 883/2004 en 987/2009, die bepalen dat bewijs van arbeidsongeschiktheid in de woonstaat kan worden geleverd. Het hof oordeelde dat de eis van een UWV-rapport onverenigbaar is met deze verordeningen en dat de eisster ontvankelijk is.
Het hof beoordeelde vervolgens de door de werkgever gestelde redenen voor loonopschorting en oordeelde dat de werkgever het loon mocht opschorten wegens het niet nakomen van contactverplichtingen door de werknemer. Echter, de eis dat de werknemer naar Nederland moest reizen voor een bedrijfsartsbezoek was onredelijk en in strijd met Europese regels. Vanaf 29 maart 2012, toen een verklaring van de Krankenkasse werd ontvangen, had de werkgever het loon moeten betalen.
De vordering tot betaling van achterstallig loon wordt toegewezen, de wettelijke verhoging afgewezen en de wettelijke rente vanaf 29 maart 2012 toegekend. Tevens worden buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten aan de zijde van de eisster toegewezen.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de werkgever tot betaling van achterstallig loon met rente en incassokosten en vernietigt het vonnis van de kantonrechter.