ECLI:NL:GHSHE:2010:BN3973
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P. Fortuin
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaer
- J.C.K.W. Bartel
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten bezwaar en beroep bij onrechtmatige voorlopige aanslag inkomstenbelasting
Belanghebbende, aandeelhouder van een vennootschap, ontving in 2007 een eenmalig dividend en verzocht om een voorlopige aanslag over dat jaar. Voor 2008 legde de inspecteur een voorlopige aanslag op met hetzelfde belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang, hoewel dit onjuist was en niet aan belanghebbende te wijten. De aanslag werd verminderd tot nihil.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag en verzocht om vergoeding van de kosten van bezwaar, welke door de inspecteur werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten. De inspecteur stelde hoger beroep in.
Het hof oordeelde dat de inspecteur onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte bij het vaststellen van de voorlopige aanslag, met name door onvoldoende rekening te houden met de incidentele aard van dividend en de eenmalige tariefsverlaging in 2007. Hierdoor was sprake van aan de inspecteur toe te rekenen onrechtmatigheid. Het hof bevestigde het recht van belanghebbende op vergoeding van kosten van bezwaar, beroep en hoger beroep, waarbij het gewicht van de zaak per fase werd vastgesteld en de totale vergoeding werd vastgesteld op € 684,25. Het hoger beroep van de inspecteur werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Belanghebbende krijgt vergoeding van kosten bezwaar, beroep en hoger beroep wegens onrechtmatige voorlopige aanslag.