ECLI:NL:GHSHE:2008:BG9634
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J. Swinkels
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaer
- A.O. Lubbers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over waardering earn-outregeling en afwaardering deelneming
Belanghebbende, een houdstermaatschappij, verkocht in 1998 een deelneming aan een niet-gelieerde vennootschap met een earn-outregeling die recht gaf op een deel van toekomstige winst. De vordering uit hoofde van deze regeling werd begroot op ƒ 1.125.000 en verantwoord onder de deelnemingsvrijstelling.
De inspecteur stelde dat de vordering in de jaarrekening slechts voor de helft van de nominale waarde mocht worden opgenomen, maar bracht onvoldoende feiten aan om dit te onderbouwen. Zowel de rechtbank als het hof oordeelden dat de regeling inderdaad een earn-outregeling betreft en dat de vordering voor het volledige nominale bedrag kan worden gewaardeerd.
Belanghebbende bracht in 2001 een afwaarderingsverlies ten laste van het resultaat, hetgeen door de inspecteur werd betwist. Het hof verklaarde het hoger beroep van de inspecteur ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarbij tevens de proceskosten aan de zijde van belanghebbende werden toegewezen.
De overige geschilpunten behoefden geen beantwoording meer, aangezien de kernvragen positief werden beantwoord ten gunste van belanghebbende. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de inspecteur wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.