ECLI:NL:GHSHE:2006:BA2897
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Huurdersaansprakelijkheid en schadevergoeding bij internationale huurovereenkomst hotelschip
In deze civiele procedure stond centraal de vraag welk recht van toepassing is op de internationale huurovereenkomst van een hotelschip en de aansprakelijkheid voor schade aan het schip tijdens de huurperiode. Het hof oordeelde dat de huurovereenkomst het nauwst verbonden is met Nederland, waardoor Nederlands recht van toepassing is. De eigendom van het schip werd overgedragen aan een derde, maar partijen waren overeengekomen dat de oorspronkelijke verhuurder haar positie behield jegens de huurder.
De huurder [Y.] werd aansprakelijk gehouden voor schade aan het schip die tijdens haar huurperiode was ontstaan, met uitzondering van schade die na het einde van de huurperiode ontstond. De schadevergoeding werd begroot op € 365.723,-, inclusief herstelkosten van accommodaties, inventaris en waterschade. Het hof verdeelde de schade naar billijkheid tussen de hoofdhuurster en de onderhuurder COA, waarbij COA deels aansprakelijk werd gehouden.
In de vrijwaringzaak werd het COA veroordeeld tot betaling van € 123.242,- aan [Y.] voor haar aandeel in de schade. Het hof vernietigde eerdere vonnissen en verwees afwijzing van vorderingen van [Y.] in reconventie. De proceskosten werden grotendeels aan de verliezende partij opgelegd, met compensatie in de vrijwaringzaak. Het arrest werd uitgesproken door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch op 24 oktober 2006.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de huurder tot betaling van € 365.723,- schadevergoeding aan de verhuurder en het COA tot betaling van € 123.242,- aan de huurder.