ECLI:NL:GHSHE:2001:AD5761
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J. Koopman
- A.J. van Soest
- P.J.M. Bongaarts
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over navorderingsaanslag en verhoging wegens no-cure-no-pay-afspraak
Belanghebbende, een advocaat en deeltijdrechter, kreeg een navorderingsaanslag opgelegd met een verhoging van 100% vanwege het niet opgeven van inkomsten uit een no-cure-no-pay-overeenkomst met cliënten. Tijdens huiszoekingen werden bescheiden in beslag genomen, waarvan belanghebbende betoogde dat deze onrechtmatig verkregen waren. Het Hof verwierp dit beroep omdat de huiszoekingen op juiste gronden waren toegestaan.
Het Hof stelde vast dat belanghebbende daadwerkelijk een bedrag van ruim ƒ 160.000,-- in contanten had ontvangen als vergoeding op basis van de no-cure-no-pay-afspraak. Diverse verklaringen en documenten, waaronder een brief van cliënten en getuigenverklaringen, ondersteunden dit oordeel. De stellingen van belanghebbende over onverklaarde stortingen en een vermeende lening werden als ongeloofwaardig beoordeeld.
De Inspecteur had de verhoging van 100% opgelegd wegens opzet van belanghebbende, wat het Hof bevestigde. Vanwege een overschrijding van de redelijke termijn werd de verhoging met 10% verminderd tot 90%. Daarnaast werd de navorderingsaanslag verminderd wegens een niet verantwoorde omzetpost. De Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 226.394,-- met een verhoging van 90%, en de Inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.