ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ9414
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Borgesius
- J.M. Reinking
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van verduistering, witwassen en deelname criminele organisatie
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor verduistering, witwassen en deelname aan een criminele organisatie, onder meer wegens vermeende onrechtmatige betalingen door diverse stichtingen aan ondernemingen en personen.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis vernietigd en de verdachte vrijgesproken. Het hof oordeelde dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte de genoemde bedragen wederrechtelijk heeft toegeëigend of dat de gelden afkomstig waren uit enig misdrijf. De betalingen bleken gebaseerd op rechtsgeldige titels en in verhouding te staan tot de verrichte prestaties.
Het hof wees ook op de onvoldoende onderbouwing door het openbaar ministerie, waaronder het dubbel tellen van bedragen en het ontbreken van bewijs van strijd met statuten of wetgeving. De vermeende deelname aan een criminele organisatie werd niet bewezen omdat het oogmerk tot het plegen van misdrijven ontbrak.
De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige bewijsvoering en het respecteren van het lex certa-beginsel in strafzaken. De verdachte werd vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van verduistering, witwassen en deelname aan een criminele organisatie.