ECLI:NL:GHSGR:2007:BC0619
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt discriminatieverbod vrouwen binnen SGP, weigert Staat te veroordelen tot maatregelen
De zaak betreft een collectieve actie tegen de Staat wegens het tolereren van discriminatie van vrouwen binnen de politieke partij SGP, die vrouwen het passief kiesrecht ontzegt. Clara Wichmann c.s. vorderen dat de Staat maatregelen neemt om deze discriminatie te beëindigen, op grond van het Vrouwenverdrag en andere verdragsbepalingen.
Het hof oordeelt dat Clara Wichmann c.s. ontvankelijk zijn en dat art. 7 aanhef Pro en sub (a) en (c) van het Vrouwenverdrag rechtstreekse werking heeft. De SGP maakt onderscheid tussen mannen en vrouwen zonder objectieve rechtvaardiging, wat in strijd is met het discriminatieverbod. De Staat handelt inbreukmakend door niet op te treden.
Echter, het hof stelt dat andere grondrechten zoals godsdienstvrijheid, verenigingsvrijheid en meningsuiting in het geding zijn en dat de Staat een belangenafweging moet maken. Het hof concludeert dat het belang bij handhaving van het discriminatieverbod zwaarder weegt, maar dat het niet aan de rechter is om de Staat te veroordelen tot het nemen van specifieke maatregelen of wetgeving.
De rechtbank had de Staat gelast art. 2 Wspp Pro buiten toepassing te laten bij subsidiebeslissingen jegens de SGP, maar het hof vernietigt dit en wijst die vordering af. De Staat wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. De SGP wordt in haar eigen kosten veroordeeld.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de Staat onrechtmatig handelt door niet op te treden tegen discriminatie van vrouwen binnen de SGP, maar wijst vorderingen tot oplegging van maatregelen af.