ECLI:NL:GHSGR:2007:BA3558
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Savelbergh
- Van Walderveen
- Mees
- Rechtspraak.nl
Beoordeling juiste wegingsfactor bij vergoeding proceskosten bezwaar WOZ-beschikking
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een WOZ-beschikking waarin de waarde van zijn onroerende zaak was vastgesteld. Na een aanvankelijke waarde van €238.480 stelde de Inspecteur deze bij op €203.000 en kende een vergoeding van €80,50 toe voor de kosten van het bezwaar, waarbij een wegingsfactor van 0,5 werd toegepast.
Belanghebbende betwistte deze wegingsfactor en voerde aan dat het financiële belang groter was vanwege de invloed op meerdere heffingen, waardoor een hogere vergoeding passend zou zijn. De rechtbank wees het beroep ongegrond en het hof bevestigde dit oordeel in hoger beroep.
Het hof overwoog dat het Besluit proceskosten bestuursrecht verschillende wegingsfactoren kent, maar dat het opstellen van het bezwaarschrift hier als 'licht' moet worden aangemerkt. Het financiële belang speelt slechts een rol als het gewicht van de zaak daardoor verandert, wat niet het geval was. Daarom was de toegepaste wegingsfactor juist en het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt dat de toegepaste wegingsfactor voor de vergoeding van proceskosten in bezwaar juist is en verklaart het beroep ongegrond.