Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 25 januari 2022
Het verloop van het geding
De beoordeling van het hoger beroep
Enige feiten
b. ten behoeve van een partij indien een partij niet in staat is te voorzien in zijn levensonderhoud. De hoogte van deze uitkering dient te worden vastgesteld aan de hand van de zogenaamde Trema-norm of de daarvoor in de plaats getreden regeling. De duur van deze verplichting dient in onderling overleg te worden vastgesteld en bij gebreke van overeenstemming door de rechter met dien verstande dat de maximale duur is vastgesteld op twaalf jaar. Indien de partij die een uitkering tot levensonderhoud ontvangt, trouwt of hernieuwd gaat samenwonen danwel een voldoende inkomen verwerft om in zijn/haar eigen levensonderhoud te voorzien, vervalt de hier onder b. genoemde verplichting tot het verstrekken van een uitkering tot levensonderhoud.”.