ECLI:NL:GHDHA:2019:2681
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige eenzijdige wijziging arbeidsvoorwaarden na fusie met afschaffing salaristoeslagen
De werknemers, voormalig in dienst bij TU vennootschappen en na fusie bij Goudse, voerden aan dat de eenzijdige afschaffing van de WEP/WING-toeslag en surplusregeling per 1 januari 2016 onrechtmatig was. Goudse had deze toeslagen afgeschaft met een afbouwregeling, maar zonder een eenzijdig wijzigingsbeding in de arbeidsovereenkomst. De kantonrechter oordeelde dat de wijziging getoetst moest worden aan artikel 7:611 BW Pro en gaf een verklaring voor recht dat de wijziging onrechtmatig was, maar wees de betalingsvordering af.
In hoger beroep stelde Goudse dat de afschaffing noodzakelijk was vanwege bedrijfseconomische redenen zoals kostenbesparing, arbeidsmobiliteit en gelijk loon voor gelijk werk. Het hof concludeerde echter dat er geen concrete en acute noodzaak bestond, dat de argumenten vaag waren en dat de achteruitgang in arbeidsvoorwaarden substantieel was. Het hof bevestigde dat het verschil in beloning historisch verklaarbaar was en niet onredelijk.
Het hof verwierp de grieven van Goudse en oordeelde dat de instemming van een meerderheid van werknemers met het voorstel geen bindende werking had. Wel werd het afgewezen deel van de betalingsvordering alsnog toegewezen, onder verrekening van reeds betaalde bedragen en vermeerdering met wettelijke rente en verhoging. Goudse werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Goudse wordt veroordeeld tot naleving en betaling van de toeslagen met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2016, onder verrekening van reeds betaalde bedragen.