ECLI:NL:GHARN:2012:BY1375
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kwalificatie arbeidsverhouding en verzekeringsplicht koeriers
Belanghebbende exploiteert een koeriersbedrijf waarbij koeriers A en B werkzaamheden verrichten op basis van een freelanceovereenkomst met een VAR wuo. De Inspecteur stelde dat deze arbeidsverhouding een dienstbetrekking is en dat belanghebbende premies werknemersverzekeringen moet inhouden en afdragen. De Rechtbank Arnhem oordeelde dat de beschikking van 1 april 2010, waarin de Inspecteur de arbeidsverhouding als dienstbetrekking kwalificeerde, slechts betrekking heeft op de verzekeringsplicht voor werknemersverzekeringen en dat A en B niet verzekerd zijn vanwege hun VAR wuo.
In hoger beroep betwistte de Inspecteur dit oordeel en stelde dat de VAR wuo opzij gezet moet worden door de beschikking. Het Hof overwoog dat de VAR wuo leidend is zolang de feitelijke omstandigheden niet zijn gewijzigd en dat de Inspecteur niet in afwijking daarvan een verzekeringsplicht kan vaststellen. Het Hof bevestigde daarmee het oordeel van de Rechtbank en verklaarde het hoger beroep van de Inspecteur ongegrond.
Het Hof veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en bepaalde griffierecht. De uitspraak is gedaan door mr. A.J.H. van Suilen, mr. R.F.C. Spek en mr. B.F.A. van Huijgevoort op 9 oktober 2012 te Arnhem.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Inspecteur wordt ongegrond verklaard en de koeriers zijn niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen.