ECLI:NL:GHARN:2009:BH6458
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige hinder door bouw garage met bergzolder nabij erfgrens
Appellanten bouwden in 2005 een nieuwe garage met bergzolder tegen de erfgrens van geïntimeerden, wat leidde tot aanzienlijke hinder door verminderd uitzicht, lichtinval en het verlies van het vrijstaande karakter van de woning van geïntimeerden.
Hoewel de bouwvergunning formeel rechtsgeldig was en het bestemmingsplan de bouw toestond, oordeelde het hof dat dit niet vrijwaart voor aansprakelijkheid wegens onrechtmatige hinder. Het bestemmingsplan en de vergunning houden geen rekening met civielrechtelijke hinderclaims.
Appellanten hadden geïntimeerden onvoldoende geïnformeerd over de bouwplannen, waardoor overleg en aanpassing niet mogelijk waren. De rechtbank had appellanten veroordeeld tot aanpassing van de garage tot een lagere hoogte, een oordeel dat het hof bekrachtigde.
De grieven van appellanten tegen het vonnis en de uitvoerbaarverklaring bij voorraad werden verworpen. Het belang van geïntimeerden bij beëindiging van de hinder weegt zwaarder dan de kosten voor appellanten.
Het arrest bevestigt dat het gebruik van bouwmogelijkheden binnen het bestemmingsplan niet automatisch vrijwaart tegen civielrechtelijke aansprakelijkheid voor onrechtmatige hinder.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat appellanten onrechtmatige hinder toebrengen en veroordeelt hen tot aanpassing van het bouwwerk.