ECLI:NL:GHARN:2007:BA7979
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R. den Ouden
- J.L. Lamens
- C.M. Ettema
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt afwijzing integrale proceskostenvergoeding in belastingzaak navorderingsaanslag
In deze zaak stond de proceskostenvergoeding centraal in een hoger beroep tegen een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 1998. Het Hof sloot zich aan bij de rechtbank en oordeelde dat het beroep ontvankelijk was en dat de zaak niet hoefde te worden terugverwezen naar de inspecteur.
Het Hof stelde vast dat de inspecteur onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat partijen tijdens een overleg op 16 december 2004 waren overeengekomen dat belanghebbende zou afzien van proceskostenvergoeding. Hierdoor werd het incidentele hoger beroep van de inspecteur verworpen.
Belanghebbende had recht op een forfaitaire vergoeding, maar verzocht vergoeding van werkelijke kosten. Het Hof oordeelde dat geen verwijt aan de inspecteur kon worden gemaakt dat de navorderingsaanslag werd opgelegd, ondanks dat veel correcties moesten worden teruggenomen. Dit rechtvaardigde geen uitgebreide proceskostenvergoeding.
Het Hof wees het principale hoger beroep af en kende in het incidentele hoger beroep een proceskostenvergoeding toe van €644 conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De uitspraak bevestigt dat de inspecteur niet “tegen beter weten in” heeft gehandeld en dat de gang van zaken geen grove schending van het zorgvuldigheidsbeginsel inhoudt.
Uitkomst: Het Hof wijst het principale hoger beroep af en veroordeelt de Inspecteur tot een beperkte proceskostenvergoeding van €644 aan belanghebbende.