ECLI:NL:GHARN:2006:AX0845
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Wefers Bettink
- Korthals Altes
- Groefsema
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over toerekening onderhoudskosten gemeenschappelijke tuin aan huurder
In deze civiele procedure stond centraal of de kosten voor het onderhoud van de gemeenschappelijke groenvoorziening onder artikel 12 lid 1 van Pro de Huurprijzenwet (HPW) dan wel artikel 7:259 BW Pro vielen en dus via servicekosten aan de huurder mochten worden doorberekend. De huurder had de bijdrage voor onderhoud betwist en vorderde terugbetaling van reeds betaalde bedragen.
Het hof stelde vast dat de groenvoorziening deels een open karakter had, maar geen openbare bestemming, mede gelet op de aanwezigheid van bordjes met 'eigen terrein' en overleg met de huurdersvereniging. De groenvoorziening maakte daarmee deel uit van de gehuurde woonruimte. Hierdoor kwalificeerden de onderhoudskosten als bijkomende kosten volgens genoemde wetsartikelen.
Het hof oordeelde dat de huurder terecht werd aangeslagen voor de onderhoudskosten en dat diens betaling niet onverschuldigd was. De grieven van de huurder tegen het oordeel van de kantonrechter slaagden deels, maar leidden tot vernietiging van het vonnis en afwijzing van zijn vorderingen. De huurder werd veroordeeld in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van de huurder af en veroordeelt hem in de kosten van beide instanties.