Uitspraak
Qred,
[geïntimeerde],
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De vaststaande feiten
4.Het oordeel van het hof
5.De beslissing
1 oktober 2024;
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Qred AB heeft hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de kantonrechter waarin haar vordering tot betaling van een kredietbedrag met rente en kosten werd afgewezen wegens onvoldoende specificatie en ontbrekende aanmaningen. De kredietovereenkomst betreft een lening van € 2.000,- met een hoge kredietvergoeding en vertragingsrente, afgesloten met een jongvolwassene die handelt als eenmanszaak.
Het hof stelt vast dat onvoldoende is onderbouwd dat het krediet een zakelijk karakter heeft, mede vanwege het hoge rentepercentage en het ontbreken van informatie over het zakelijke gebruik. De rechter moet ambtshalve beoordelen of de overeenkomst binnen de werkingssfeer van consumentenbeschermende bepalingen valt.
Daarom beveelt het hof Qred om nadere informatie, gegevens en bewijsstukken te overleggen die kunnen bijdragen aan de beoordeling van het karakter van de overeenkomst. Tot die tijd wordt iedere verdere beslissing aangehouden en wordt de zaak verwezen naar de rolzitting op 1 oktober 2024.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing aan en beveelt Qred nadere informatie te verstrekken om het karakter van de kredietovereenkomst te beoordelen.