ECLI:NL:GHARL:2021:5101
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen geslotenverklaring wegens overtreding venstertijden parkeerverbod
De betrokkene werd gesanctioneerd voor het overtreden van een geslotenverklaring op het Wilhelminaplantsoen in Bussum, waarbij een voertuig buiten de geldingstijd van het verkeersbord werd aangetroffen. De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens het niet stellen van zekerheid, maar het hof oordeelde dat de brieven van de officier van justitie niet aan de vereiste eisen voldeden en vernietigde deze beslissing.
Na het alsnog stellen van zekerheid door de betrokkene beoordeelde het hof de inhoudelijke bezwaren. De betrokkene stelde dat het bord onvoldoende kenbaar was en dat het verkeerde bord was gebruikt voor het handhaven van venstertijden. Het hof oordeelde dat de geslotenverklaring en het onderbord voldoende kenbaar waren en dat het gebruik van bord C1 passend was voor het verbod.
De betrokkene voerde tevens aan dat het verkeersbesluit ontbrak of onbevoegd was genomen, maar het hof volgde de Hoge Raad in de conclusie dat een onrechtmatig geplaatst verkeersteken niet leidt tot het vervallen van de sanctie. De sanctie aan de kentekenhouder was terecht omdat de bestuurder niet staande kon worden gehouden. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de administratieve sanctie wegens overtreding van de geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard.