Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[verzoeker] , en
[verzoekster],
[verzoekers] c.s.,
Boerma,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak hebben verzoekers een aannemingsovereenkomst gesloten met Boerma voor een aanbouw en uitbreiding van de centrale verwarming. Na een brand in 2013 ontstond discussie over de aansprakelijkheid en schadevergoeding. Verzoekers stelden Boerma aansprakelijk voor de restschade van €40.220,12, maar de rechtbank wees hun vorderingen af. Verzoekers gingen in hoger beroep en vroegen het hof om een voorlopig deskundigenbericht om hun proceskansen beter te kunnen beoordelen.
Het hof overweegt dat een voorlopig deskundigenbericht in beginsel kan worden toegewezen als het verzoek ter zake dienend is en feiten betreft die met deskundigenonderzoek bewezen kunnen worden. Echter, het verzoek werd pas laat ingediend, nadat verzoekers peremptoir stonden voor het nemen van de memorie van grieven en deze inmiddels hadden ingediend. Hierdoor was het verzoek niet meer relevant voor het formuleren van grieven en zou het de procedure onnodig vertragen.
Het hof concludeert dat verzoekers geen voldoende belang meer hebben bij het deskundigenbericht en dat het verzoek in strijd is met de goede procesorde. Daarom wijst het hof het verzoek af en veroordeelt verzoekers in de proceskosten. Het tegenverzoek van Boerma behoeft geen beslissing omdat de voorwaarde niet is vervuld.
Uitkomst: Het verzoek tot het gelasten van een voorlopig deskundigenbericht wordt afgewezen wegens gebrek aan belang en strijd met de goede procesorde.