Uitspraak
Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
De tenlastelegging
Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
zelfdebeleid en niet een
dwingendbeleid is. Door dat de leerplichtambtenaar geen vrijstelling had verleend en verdachte zijn zoon [zoon 1 verdachte] niet op een school had ingeschreven is er een redelijke verdenking van een strafbaar feit ontstaan.
Het openbaar ministerie is ontvankelijk in de vervolging.
Overweging met betrekking tot het bewijs
Bewezenverklaring
althans in Nederlandals degene die het gezag uitoefende over
, althans als degene die zich had belast met de feitelijke verzorging vande jongere [zoon 1 verdachte] , geboren op [geboortedatum] [geboortejaar 1] , niet heeft voldaan aan de verplichting om overeenkomstig de bepalingen van de Leerplichtwet 1969 te zorgen dat voornoemde jongere als leerling van een school, stond ingeschreven.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf en/of maatregel
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
geldboetevan
€ 500,-- (vijfhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
10 (tien) dagen hechtenis.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.