Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
16 februari 2016
[Z](hierna: belanghebbende)
1.Ontstaan en loop van het geding
2.De vaststaande feiten
Rol [X]
- De bestuursleden die op papier als bestuurder staan ingeschreven hebben geen feitelijk invulling aan hun functie gegeven; zij hebben hun functie op verzoek van [X] als papieren zetbaas uitgeoefend;
- De bestuurder, secretaris, die bij de opheffing van de stichting is aangewezen als bewaarder van de administratie is onvindbaar; op het adres waar de stichting is ingeschreven, is vermoedelijk nooit enige administratie van de stichting bewaard;
- De feitelijke leiding van Stichting [W] lag bij [X] ;
- [X] is de persoon die het geld van de prostituees int.
- Uit alles blijkt dat er veel geld in de stichting is ingekomen. Volgens het handelsregister zijn er geen baten meer in de stichting. Dan moet wel geconcludeerd worden dat de ontvangen gelden aan de stichting zijn onttrokken. In casu kan dat slechts zijn gebeurd door de persoon/personen die het
- Op grond van vorenstaande dient naar mijn mening geconcludeerd te worden dat het wederrechtelijk verkregen voordeel dat door de stichting behaald is, zoals dat is vermeld in de ontnemingsrapportage, moet worden toegerekend aan [X] .”
€ 23.419
€ 485.660
€ 321.660
€ 14.650
3.Het geschil, de standpunten en conclusies van partijen
4.Beoordeling van het geschil
€ 31.336